‘Docenten worden niet door AI vervangen, maar door docenten die met AI werken’

Artificial Intelligence – oftewel AI – creëert binnen het Nederlands onderwijs (en ook daarbuiten) een paradox met diverse gezichten. Binnen elke school(organisatie) staat het op de agenda, maar onder docenten is het urgentiegevoel wisselend. En hoewel veel bestuurders en schoolleiders doordrongen zijn van het belang, creëert de ontwikkelingssnelheid een worsteling rondom het ‘waar’, ‘hoe’ en ‘wanneer’. Dus zie je voorlopers en achterlopers, initiatieven en verzet en ontnemen (terechte) discussies over bedreigingen op menige plek het zicht op de sleutelrol die AI kan spelen bij de verdere verbetering van het onderwijs.

Spreek met onderwijswetenschappers en je hoort dat binnen de technologische ontwikkelingen van de laatste 100 jaar – vanuit het onderwijs bezien – minimaal één hier relevante rode draad is te ontdekken. Vrijwel elke revolutionaire vinding werd bij de presentatie meteen gekoppeld aan ‘het verdwijnen van’ de docent. Want diens betekenis en toegevoegde waarde zou door de komst van de radio, televisie, computer, de compact disc en het internet blijvend naar de achtergrond worden gedrongen. Immers, overbodig geworden door de mogelijkheden die de nieuwe technologie bracht. Tegelijk heeft de praktijk steeds het tegenovergestelde laten zien. De betekenis en toegevoegde waarde van de docent is alleen maar gegroeid (net als de hoeveelheid werk, trouwens). Omdat keer op keer werd bevestigd dat goed en effectief onderwijs relatie-gedreven is, en dus mensenwerk.

Maximeren

Niets wijst erop dat dit bij de toepassing van AI anders gaat zijn. Sterker nog: AI gaat de beschikbare energie voor dat mensenwerk (in de relaties docent-leerling, docent-docent én docent – schoolleiding) juist maximeren. Marco Snoek, lector Leren & Innoveren aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA) en gespecialiseerd in de professionalisering van leraren en onderwijsinnovatie zegt niet voor niets: ‘goed onderwijs wordt niet gemaakt door goede leraren, maar door goede lerarenteams die elkaar versterken, aanvullen en uitdagen en samen op zoek zijn naar het beste antwoord op behoeften van zowel leerlingen als de (grootstedelijke) samenleving.’ Da’s mensenwerk optima forma.

Ook Bram Paulissen, ambassadeur onderwijs-transitie bij de vereniging Ons Middelbaar Onderwijs met meer dan 60 schoollocaties VO in Noord-Brabant, is ervan overtuigd dat AI hier in potentie geweldig bij gaat helpen. Hij ziet dat AI de administratieve en operationele belasting van docenten – die allemaal vooral met hun leerlingen bezig willen zijn – naar achteren gaat dringen. Ziet meer ruimte ontstaan voor het creatieve denkproces, anders dan het schrijven van beleidsstukken en operationele processen (want dat is met AI een peulenschil). En ziet de coach meer energie in de leerling steken en minder in het maken/vastleggen van de verslagen (want een opgenomen gesprek is met AI zo uitgewerkt en vastgelegd).

Aanvliegen als kans

Wat Bram betreft moet je AI als kans aanvliegen, met het oog gericht op de toegevoegde waarde die leidt tot nog effectiever onderwijs. ‘Breng eerst de mogelijkheden in kaart en ga dán kijken naar de bedreigingen waarop je een antwoord moet formuleren. Maar niet andersom! En ja, AI zal de werkdruk binnen scholen verschuiven en niet minder maken. En ja, het netto-effect van AI gaat zijn dat het werk in een school op termijn met minder docenten kan worden gedaan. Maar daar voeg ik meteen aan toe: docenten gaan niet worden vervangen door AI, maar wel door docenten die met AI werken. Dus het is noodzakelijk dat docenten zichzelf op dit terrein ontwikkelen. Roepen dat ‘je niet meedoet’ is vergelijkbaar met zeggen: ‘ik werk niet met een computer’. Als ik schoolleider zou zijn, dan zou ik zeggen: AI is onderdeel van je werk. Een sleutel om beter te werken, fijner te werken en nóg meer in staat te zijn een verschil te maken. Richting leerlingen en als team binnen de school. Digitaal geletterd zijn is dus even belangrijk voor de leerlingen als de docenten zelf.’

Kunskapsskolan

Daarnaast zet AI een vette streep onder de noodzaak van een balans tussen kennis en vaardigheden en daarmee onder de toegevoegde waarde van het gepersonaliseerd onderwijs van Kunskapsskolan. Leerlingen meer meegeven dan de eindexameneisen nu voorschrijven – wat in de praktijk binnen elke Kunskapsskolan Partnerschool gebeurt – is juist in het licht van alle AI-ontwikkelingen een onderscheidend vermogen. Niet in de laatste plaats omdat er ook binnen de bedrijven en organisaties in het kader van AI sprake is van een paradox: de toenemende digitalisering vraagt om een gelijke intensivering van het persoonlijk contact. Binnen teams en richting de klanten/cliënten. Nadenken over de vraag ‘hoe leren en leven we als mens en mensen samen met elkaar in een steeds digitalere samenleving?’ is daarom ook relevant. En als dát al op school is voorgeleefd en ervaren, dan hebben docenten in het kader van AI voor de zoveelste keer in de laatste 100 jaar hun niet weg te denken toegevoegde waarde bewezen.

Deel binnen je eigen netwerk: